Windparken in de Belgische Noordzee blikken terug op een degelijk windjaar 2025 waarbij de productie bijdroeg tot 8.2% van de totale elektriciteitsconsumptie

13/01/2026

De Belgische windparken (Mermaid, Nobelwind, Belwind, Seastar, Northwind, Rentel, C-Power, Northwester 2 en Norther) op de Noordzee blikken terug op een lager dan gemiddeld jaar in termen van windaanbod.

De Oostelijke zone is met 9 windparken volledig operationeel sinds december 2020. Dit betekent dat 2025 het vijfde jaar is met een volledig geïnstalleerde productiecapaciteit voor deze grote Belgische offshore elektriciteitscentrale.Nahet gunstigewindjaar 2023 (met 8 TWh offshorewindproductie) en het gemiddelde jaar 2024 (met 7.1 TWh), was de jaarproductie in 2025 van de offshore windparken op onze Noordzee door een beperkter windaanbod lager dan gemiddeld ondanks de hoge beschikbaarheid van de parken.

In 2025 werd een totale productie van ongeveer 6.6 TWh geïnjecteerd in het Belgische elektriciteitsnet. Dat komt overeen met de jaarlijkse elektriciteitsbehoefte van ong. 1.9 miljoen gezinnen. Offshore windenergie in België kwam in 2025 aan 8.2% van de totale elektriciteitsconsumptie tegemoet.

De Belgische offshore windparken hebben een totale capaciteit van 2.262 MW. België staat hiermee nog steeds in de Europese top vijf op het vlak van geïnstalleerde offshore windenergie, na het Verenigd Koninkrijk (16.6GW), Duitsland (9.1GW), Nederland (4.7 GW) en Denemarken (2.7 GW).

Prinses Elisabeth Zone (PEZ)

Met blik op de toekomst blijft de Belgische offshore windenergiesector innoveren en uitbreiden.

Drie nieuwe windparken in de Prinses Elisabeth Zone zullen de offshore windcapaciteit op het Belgisch deel van de Noordzee (BNZ) verhogen tot max. 5.8 GW.

De openbare aanbesteding voor de eerste kavel van 700MW werd geopend op 25 november 2024 maar werd ingetrokken in juni 2025, met als doel opnieuw te lanceren in de lente van 2026. Gezien het net op zee reeds in aanbouw is, is er geen tijd te verliezen om alvast een eerste windpark te realiseren.

Offshore wind is een “no regret” oplossing voor België, zoals aangetoond door verschillende studies waaronder de studie van Energyville, de Blueprint studie van Elia en zoals bevestigd in de meest recente studie van het Federaal Planbureau. Offshore wind in het Belgisch gedeelte van de Noordzee is een bron van goedkope, lokaal geproduceerde hernieuwbare elektriciteit mede dankzij de lage onderhoudskosten en de vaste verkoopprijsvan de stroom voor een periode 20 jaar via het zogenaamde 2 sided Contract for Difference-mechanisme (CfD).Daarenboven is het lokaal geproduceerde elektriciteit die niet afhankelijk is van de invoer van brandstoffen uit het buitenland. Het tijdig realiseren van bijkomende offshore windparken in het Belgisch deel van de Noordzeezal niet alleen bijdragen tot het behalen van de klimaatdoelstellingen van ons land maar zal onze energieonafhankelijkheid versterken, bijdragen aan de competitiviteit van onze industrie en een antwoord bieden aan de toenemende vraag naar duurzame elektriciteit van gezinnen en de bedrijven.

Ook al blijven de investeringen in offshore wind in stijgende lijn, toch is de huidige context voor de uitbouw van offshore wind in Europa moeilijk. Het afgelopen jaar zijn aanbestedingen in Duitsland, Frankrijk, Nederland, Denemarken en Litouwen mislukt, of worden gegunde projecten niet gerealiseerd. Niet alleen staat de winstgevendheid onder druk omwille van hogere financieringslasten, maar vooral veilingen met gunning tegen betaling falen omwille van de volatiliteit en onzekerheid op de toekomstige elektriciteitsprijs. De korte termijn marginale prijs voor verkoop van elektriciteit volstaat niet langer om op lange termijn ernstige investeringen vol te houden, ongeacht de technologie.

Overheden nemen stappen om de situatie te verbeteren. Denemarken, Nederland en (waarschijnlijk) Duitsland laten het inefficiënt veilingmodel met gunning tegen betaling varen ten gunste van contracten voor verschil (CfD’s), die veel efficiënter zijn en succesvol in andere landen worden gebruikt. Net zoals capaciteitsvergoedingsmechanismes (CRM), garanderen CfD’s stabiele inkomsten en zorgen deze ervoor dat partijen tegen elkaar concurreren om de laagst mogelijke prijs aan te bieden. Dit maakt de ontwikkeling van een windpark tegen de laagst mogelijke kost mogelijk, wat voor meer prijsstabiliteit en lagere prijzen zorgt op de elektriciteitsmarkt. Ook België voorziet zo’n mechanisme voor de PEZ biedingen.

BOP blijft pleiten voor de implementatie van een volwaardig CfD-mechanisme voor de aanbesteding van de PEZ-zone, om een concurrentieel biedingssysteem te laten slagen. Om de vooropgestelde timing te kunnen halen moet er zeer snel goedkeuring bekomen worden van de Europese Commissie, en duidelijkheid verleend worden aan de kandidaat ontwikkelaars over het kader voor de netaansluiting, evenals een aantal andere aanbestedingselementen die tot de laagste biedingsprijs kunnen leiden. Bijkomend moet er klaarheid gecreëerdworden rond de implementatie van de Net Zero Industry Act.

Het CfD-mechanisme biedt de ontwikkelaar niet alleen inkomstenzekerheid op lange termijn, wat gunstig is voor de financiering omdat deze niet onderhevig is aan schommelingen in de elektriciteitsmarktprijs, maar heeft ook een algemeen prijs stabiliserend effect op de volatiele elektriciteitsmarkt, wat de consumenten ten goede komt. Bovendien is het systeem een betere garantie voor effectieve realisatie van het project en vloeit in geval van onverwachte winsten, het teveel terug naar de maatschappij. Een volwaardig tweezijdig CfD-mechanisme zal ook een breder scala aan bieders in staat stellen deel te nemen aan de aanbesteding, waardoor de concurrentie toeneemt en de prijs verder verlaagt.